Als iemand overlijdt

Als iemand overlijdt

Het eerste wat je doet als iemand overlijdt is: bij de dode zijn op jouw manier. Laten doordringen wat er gebeurd is. Tranen laten stromen als ze er zijn. Zwijgen als je wilt. Praten als het moet. Het is een intiem moment, waar je geen buitenstaanders bij nodig hebt. Neem er de tijd voor. Pas daarna belt u de huisarts. Als die geweest is, is het tijd voor de uitvaartverzorger. U kunt me elk moment van de dag bellen, ik kom zo snel mogelijk naar u toe.

Rust

Het sleutelwoord bij deze ontmoeting is ‘rust’. We maken kennis en kijken, als u wilt, even samen bij de dode. Het is van grote waarde om letterlijk en figuurlijk stil te staan bij de dood van iemand die zo dichtbij je was.

Daarna gaan we naar de overledene en baren we hem op. Wassen, aankleden, de laatste verzorging – het is een manier om het lichaam liefdevol te eren en voor een laatste keer mooi te maken. Ik kan het alleen doen, maar het is fijn als u er op uw manier bij aanwezig bent en wilt helpen.

Als we dan wat later aan tafel zitten, zijn er maar een paar dingen die meteen vastgelegd hoeven te worden: begraven of cremeren, datum, locatie en tijdstip van de uitvaart. Als daar duidelijkheid over is, kan er al bijna niets meer misgaan. Dat geeft rust en ruimte.

Alles geregeld?

Niet alles hoeft meteen in het eerste gesprek geregeld te worden. Juist niet zelfs. We nemen met elkaar de tijd. Ik zorg er steeds voor dat u alleen hoeft na te denken over wat op dat moment belangrijk is. De crematie of begrafenis moet binnen zes werkdagen plaats vinden. We hébben we dus ook alle tijd!

Als de eerste dingen gedaan zijn, ga ik naar huis. Maar ik laat u niet alleen. Mijn telefoon staat aan. De hele nacht.

En morgen kom ik terug.

Overlijden Deventer